De Verenigde Staten maken zich op voor wat belooft een extreem wildfire-seizoen te worden. Brian Fennessy, pas aangesteld hoofd van de U.S. Wildland Fire Service, spreekt uit wat veel brandweerlieden al weten: het land is kurkdroog.
Fennessy kondigde aan dat zijn agentschap 'extra vliegtuigen probeert in te zetten en deze zo vroeg mogelijk operationeel maakt.' De voorbereiding is in volle gang — veel sneller dan in normale jaren. De wildfire-crisis breidt zich sinds 2020 sterk uit: seizoenen worden langer, branden intensiever, en de omstandigheden steeds extremer.
De timing is kritiek. De combinatie van droogte in het Westen, verhoogde temperaturen en geslonken sneeuwpakket (dat normaal als vochtige bufferzone fungeert) maakt dit seizoen extra gevaarlijk. Fennessy stelt dat meer middelen, eerder ingezet, het verschil kunnen maken tussen beheerste branden en miljardenschade.
Wel wijst hij kritiek van de hand op de preventiestrategieën van het agentschap. Discussies over vegetatiebeheer, het terugdringen van houtopslag en bosmanagement zijn al jaren heftig in Amerikaanse politieke kringen. Enkele staten en experts betogen dat agressiever preventief branden (controlled burns) en dunning van dichte bossen nodig zijn. Fennessy geeft aan dit te zien als secundair aan de huidige voorbereiding.
De Wildland Fire Service staat onder groeiende druk: meer branden betekenen hogere budgetten, schaarste aan gecertificeerde brandweerlieden, en ethische vragen over waar je middelen inzet wanneer je niet alles tegelijk kunt bestrijden.
**Waarom dit Nederland raakt:** Extreme Amerikaanse wildfires beïnvloeden mondiale grondstoffenprijzen en landbouwinvesteringen — Nederlands voedsel- en energiebedrijven volgen deze trends. Bovendien biedt het Amerikaanse beheer van natuurrampen lessen voor Nederlands watermanagement en rampenbestrijding in een warmer wordend klimaat.




