Een nieuw onderzoeksrapport onthult wat economen al verwachtten: massale deportatieangst ondermijnt lokale economieën. Wanneer ICE-invallen toenemen en illegale immigranten hun werk verliezen uit angst, vallen ook bedrijven en Amerikaanse werknemers terug.
De bevindingen van onderzoekers tonen aan dat de crackdown niet alleen migranten treft. In regio's met veel ICE-activiteit daalt de werkgelegenheid onder ongedocumenteerde arbeiders aanzienlijk — tot 15 procent in extreme gevallen. Maar het gaat verder: veel lokale bedrijven kampen met personeelsgebrek, hogere loonkosten en minder economische activiteit. Sommige Amerikaanse werknemers profiteren van hogere lonen in sectoren met arbeidstekort, maar velen voelen ook de pijn van minder consumptie en minder business.
De "chilling effect" is niet nieuw voor economen. Wanneer migranten bang zijn, stoppen ze met werken, geld uitgeven of belastingen betalen. Lokale gemeenschappen — vooral in landbouw, bouw en horeca — ondervinden directe klappen. Werkgevers rapporteren dat ze vacatures niet kunnen opvullen, wat investeringen en uitbreiding tegenhoudt.
Wat maakt dit onderzoek opvallend: het bewijst dat immigratie-angst zoals gemeten door ICE-raids niet alleen om migratie gaat. Het is ook een economisch beleid — met breed neerslag op lonen, werkloosheid en groei. Sommige Amerikaanse werknemers zien hun lonen stijgen door schaarste, maar veel meer voelen deflatie in lokale economieën.
De boodschap is scherp: strikte immigratiepolitiek via angst heeft economische kosten die verder reiken dan de immigranten zelf.





