President Trump heeft deze week Beijing bezocht voor directe gesprekken met Chinese leiders. Het bezoek staat symbool voor een verschuiving in Amerikaanse buitenlandse politiek — weg van escalatie, naar onderhandelingen. Maar wat levert dit werkelijk op?
De kernpunten uit Beijing: beide landen spraken af de handelsoorlog te bevriezen op het huidige niveau. Trump beloofde geen nieuwe importtarieven op Chinese goederen in te voeren, mits Beijing Amerikaanse investeringen in tech en halfgeleiders niet verder blokkeert. Het is een pragmatisch akkoord dat voorkomt dat beide economieën verder verstarren.
Voor Europa — en dus Nederland — is dit een dubbelzijdig signaal. Enerzijds: als VS en China nu samenwerken in plaats van elkaar af te straffen, daalt de onzekerheid op wereldmarkten. Dat is goed voor onze export. Anderzijds: Trump en Xi leken het eens te zijn over "China's belang in Indo-Pacifische veiligheid". Dat zou kunnen betekenen dat de VS minder troepen in Europa kan inzetten. Onze NAVO-partners zullen dat alarmerend vinden.
Intussen bereiden Amerikaanse Democraten en Republikeinen zich voor op de volgende kiesprimaries. Trump loopt vooruit in zijn partij, maar traditionele Republikeinse kandidaten proberen nog standhouden. Dit bepaalt wie volgend jaar de uitdager van Trump wordt.
De spanningen met Iran bereiken ondertussen een kritiek punt. Amerikaanse militaire adviseurs zijn in de Golfregio actief, en Iran intensiveert nucleaire activiteiten. Een verdere escalatie lijkt dicht bij elkaar.
Deze drie dossiers — China-deal, Amerikaanse interne politiek en Iran — bepalen samen de komende maanden van westerse veiligheid en handel.




