President Trump en Chinese leider Xi Jinping hebben deze week signalen uitgewisseld die wijzen op een voorzichtige ontdooiing van hun relatie. Waar beide mannen elkaar in het afgelopen decennium regelmatig uitdaagden met handelstarieven en retorsie, lijken zij nu voor een meer constructieve toon te kiezen.
De gespreksonderwerpen varieerden van handelsgeschillen tot geopolitieke spanningen. Het gesprek vond plaats tegen de achtergrond van een complexe mondiale situatie, waarin beide grootmachten om invloed strijden. Wat opvalt: geen radicale verschuivingen, maar wel een hernieuwd verlangen naar communicatiekanalen.
Voor Europa — en dus Nederland — kan dit twee kanten uit. Enerzijds: als Washington en Peking minder op elkaar schieten, dalen de risico's van escalatie die ons raken. Anderzijds moeten we alert zijn op deals die over onze koppen gesloten worden. Nederlandse exporteurs in chips, chemie en machines hebben voortdurend last gehad van handelsonzekerheid. Een Trump-Xi-akkoord zonder Europese inbreng kan onze positie verslechteren.
De vraag die beleidsmakers in Den Haag zich stellen: gaat Washington nog steeds akkoorden nakomen met zijn NAVO-partners, of kiest Trump voor bilaterale deals met China? Tot nu toe zijn de contouren van mogelijke vredesakkoorden onduidelijk. Het Witte Huis benadrukt dat dit geen concessies inhoudt — een standpunt dat door Beijing waarschijnlijk anders wordt gelezen.
Dit moment vereist Europese eenheid. Als Trump en Xi hun verschillen bijleggen zonder onze zorgen echt te adresseren, kan dat Nederlandse bedrijven rechtstreeks treffen.


