Het Verenigd Koninkrijk voelt de klappen van Trumps 'liberation day'-tarifffen harder dan wie dan ook in Europa. De Britse export naar de Verenigde Staten is in één klap met 25 procent gedaald, waardoor Londen nu voor het eerst met een handelsdeficit met zijn grootste handelspartner kampt.
De drastische daling volgt op Trumps nieuwe tariefmaatregelen die vorige maand van kracht werden. Waar de VS voorheen een belangrijk afzetmarkt was voor Britse goederen — van voedsel tot financiële diensten — zien exporteurs nu hun orders opdrogen. De combinatie van hogere invoerbelastingen en compensatoire maatregelen van het VK maakt handel transatlantisch plots aanzienlijk duurder en ingewikkelder.
Voor Nederland klinkt dit als een ernstige waarschuwing. Nederlandse bedrijven hebben traditioneel een sterke positie in Amerikaanse markten — van Unilever tot ASML en tientallen midden- en kleinbedrijven. Als Britannië met deze klappen kampt, hoe hard zal het Nederlandse exportmachine treffen? "Dit toont aan dat geen enkele Europese economie immuun is voor Trumps handelsstrategie," aldus handelanalisten.
De Britse regering probeert onderhandelingen met Washington te openen, maar met beperkt succes. Ondertussen wacht Europa af wat volgende stap is. Experts verwachten dat de EU en lidstaten als Nederland zich moeten voorbereiden op gelijkaardige druk.
Het handelsdeficit plaatst Londen in een lastig parket: terugvechten met eigen tarieven schermt zijn eigen consumentenprijs aan, wat inflatie kan drijven. Inzetten op onderhandelingen gaat tegen Trumps "America First"-blauwdruk in. Het VK zit tussen twee vuren — precies waar Nederland straks ook terecht kan komen.





