Het vertrouwen van Amerikaanse consumenten is in mei op een recorddieptepunt beland. De oorzaak ligt vooral bij de stijgende benzineprijzen, veroorzaakt door geopolitieke spanningen rond Iran. Dit blijkt uit de laatste consumentensentimentindex die CNBC Economy onderzocht.
Het is een forse klap voor de Amerikaanse economie. Consumentenvertrouwen is cruciaal voor uitgavenpatronen — en die uitgaven vormen ruim 70 procent van de Amerikaanse economische groei. Als Amerikanen pessimistisch worden, geven zij minder geld uit, wat direct doorwerkt op winkels, restaurants en dienstverleners.
De gestegen benzineprijzen raken Amerikaanse huishoudens in hun portemonnee. Hogere brandstofkosten betekenen dat het wekelijkse boodschappenbudget en tankstation-bezoeken duurder worden. Dit knelt vooral bij gezinnen met lagere inkomens, die proportioneel meer besteden aan benzine en energie. Het sentiment daalde wijst erop dat Amerikanen verwachten dat deze situatie aanhoudt.
De Iran-crisis drukt zwaar op de mondiale oliemarkt. Zolang die spanning niet verdwijnt, blijven benzineprijzen onder druk staan — en dat houdt het consumentenvertrouwen laag.
Voor Nederland is dit indirect relevant. Een verzwakte Amerikaanse consument betekent minder vraag naar Amerikaanse producten en diensten — en dus ook minder import vanuit Europa. Nederlandse exportbedrijven kunnen hier indirect hinder van ondervinden. Bovendien: wereldwijde olieprijsstijgingen werken via de Brent-olie ook door in Europese energieprijzen, inclusief Nederlandse energie- en transportkosten.




