De slotpleidooien zijn begonnen in een van de grootste tech-rechtszaken van dit decennium. Elon Musk beschuldigt OpenAI ervan zijn belofte als non-profitorganisatie te hebben verbroken en de winstgevendheid boven AI-veiligheid te hebben gesteld.
Musk richtte OpenAI in 2015 op met het doel kunstmatige intelligentie veilig en voorzichtig te ontwikkelen — buiten winstmotieven van grote tecbedrijven. Maar toen OpenAI in 2023 Microsoft als miljardenbacker kreeg en steeds meer commercieel werd, verliet Musk de raad van bestuur. Nu claimt hij dat het bedrijf zijn oorspronkelijke missie heeft verraden.
Het centrale argument van Musk: OpenAI is van non-profit omgetransformeerd naar een for-profitmodel, zonder de donateurs en oprichters daarvan op de hoogte te stellen. Het bedrijf zou bovendien ChatGPT en andere AI-modellen hebben ontwikkeld met Microsoft-geld — iets wat volgens de oorspronkelijke statuten niet mocht. Musk eist miljarden schadevergoeding.
OpenAI verdedigt zich met het argument dat de commercialisering nodig was om de miljarden aan investeringen op te brengen die nodig zijn voor geavanceerde AI. Ze stellen ook dat de organisatiestructuur juridisch in orde is en dat Musk zelf allang weg was toen deze veranderingen plaatsvonden.
De zaak heeft dieper bereik dan alleen deze twee miljardairs. Ze raakt een fundamentele vraag: wie beheerst de toekomst van AI? Moet kunstmatige intelligentie onder non-profitcontrole blijven, of mag het marktgestuurd groeien? De uitspraak bepaalt mogelijk hoe techreuzenbedrijven compliance regelen met hun stichters — en hoe toekomstige AI-bedrijven zich organiseren.
De rechter zal waarschijnlijk volgende maand uitspraak doen.




