De Amerikaanse economie stuurt tegen tegenwind in. Met een kerninflatiegraad van 3,2% in maart en een eerste-kwartaalgroei van slechts 2% heeft de VS twee problemen tegelijk: prijzen stijgen sneller dan verwacht, terwijl de groei stagneert.
Oorzaak is duidelijk: de oorlog in Iran stuurde olieprijzen omhoog, wat doorslaat in de energiefacturen en transportkosten van consumenten. Dit raakt vooral de basisprijzen van voeding, benzine en nutsbedrijven. Voor huishoudens betekent dit dat boodschappen en tankstations merkbaar duurder worden.
De Federal Reserve zit nu in een lastig parket. Een rentestijging helpt tegen inflatie, maar verzwakt juist de groei — die al teleurstellend is op 2%. Een renteverlaging helpt de groei, maar voelt inflatie verder aan. Dit is stagflatie-scenario waar centrale banken gruwelen: stagnatie én inflatie tegelijk.
Consumenten voelden de pijn al in maart. De prijsstijgingen gingen verder dan veel economen voorzagen, vooral omdat de energieprijzen onverwacht omhoog schoten. Dat maakt beleidsmakers nerveus: als olieprijzen hoog blijven, kan inflatie hardnekkiger worden dan gehoopt.
De vraag is nu: kan de Fed voorkomen dat dit chronisch wordt? Te veel renteverhogingen smoren groei. Te weinig, en inflatie wordt structureel. Intussen wachten consumenten af hoe hun portemonnees volgende maand lijden.
Bron: CNBC Economy




