De Amerikaanse arbeidsmarkt laat in april veel meer spierkracht zien dan verwacht. Het aantal nieuwe banen steeg met 115.000, ruim boven de door consensus verwachte 55.000. De werkloosheid bleef stabiel op 4,3 procent, meldt CNBC op basis van het maandelijks banenrapport.
Deze sterke baanengroei roept vragen op over het monetaire beleid. De Federal Reserve probeert inflatie onder controle te houden via renteverhogingen, maar een robuuste arbeidsmarkt maakt dat lastiger. Meer banen betekent meer consumentenbestedingen, wat de inflatiedruk juist kan verhogen. Dit zet druk op Fed-voorzitter Jerome Powell om voorzichtig te blijven met renteverlagingen.
De sterke banengroei is deels verassend na vier maanden van zwakker dan verwachte cijfers. Dit suggereert dat werkgevers – ondanks hogere rentes – nog steeds vol vertrouwen nieuwe mensen aannemen. Voor beleggers kan dit doorslaggevend zijn: meer banen = meer groei, maar ook = langer hoge rentes.
Voor Nederland is dit relevant via twee kanalen: Europese centrale banken volgen Fed-bewegingen nauwlettend. Een krachtig Amerika kan ook Europese rentes langer omhoog houden. Daarnaast: veel Nederlandse exportbedrijven (in machines, chemie, voedsel) verkopen aan Amerikaanse bedrijven met sterke vraag. Een gezonde VS-arbeidsmarkt is dus ook gunstig voor onze exporteurs – zolang de rentes niet te lang hoog blijven.




